Een beetje dan.

Waarom je niet hoeft te bulken (maar het toch wel moet doen)

Getty Images

Getty Images

Moet je bulken voor maximale spiermassa? Waarschijnlijk niet, maar een calorie-overschot is misschien toch je beste keuze. Hier moet je op letten.

Van oudsher is bulken dé strategie om aan te komen. In spiermassa, is de bedoeling, maar daarbij komt ook een flinke laag vet. Onnodig, want je spieren reageren niet op het aantal calorieën. De trainingsprikkel is vrijwel de enige groeifactor.

Waarom werkt bulken niet?

Vergelijkingen tussen een kleiner en groter overschot geven geen verschil in spiermassa. Meer calorieën betekent eigenlijk alleen meer vet. Spieren groeien namelijk niet door (extra) calorieën. Spiermassa bouwen kost wel energie, maar dat is geen bulk waard.

Je lichaam heeft namelijk maar enkele calorieën nodig voor de bouw van spiermassa. Niet gek, want dit gaat ontzettend traag, met enkele grammen per week. En dit is grotendeels al in jouw dagelijkse verbruik verrekend.

Heb je toch een klein calorietekort, dan haalt je lijf de benodigde energie gewoon uit je vetmassa. Dat proces wordt pas bemoeilijkt wanneer je een heel laag vetpercentage hebt. Je kunt dus prima op gewicht blijven om maximaal te groeien.

Extreem bulken en cutten maakt het proces ook nog eens moeilijker, per cyclus. Verlies je namelijk 10 tot 20 procent van je lichaamsgewicht, dan verlaagt je totale calorieverbruik. Je metabolisme verbrandt dan minder energie dan wanneer je het bereikte gewicht van nature al had.

Een bulk is dus niet nodig, en dik worden voor meer spiermassa is het helemaal niet waard. Toch is een vrij duidelijk calorie-overschot misschien de meest tactische keuze. Waarom?

Gezond vetpercentage voor optimale spiergroei

De bulk komt vooral vanuit het professionele bodybuilden. De grootsten der aarde bulken allemaal, waarom jij dan niet? Er is een namelijk kleine misvatting: deze monsters ‘bulken’ na hun show. Waar ze een ongezond vetpercentage van onder de 10 procent hebben, totdat ze op de gezondere marge van 15 á 17 zitten.

Geen professionele bodybuilder blijft eten totdat zijn buikspieren totaal verdwenen zijn. Logisch, want dat zou zijn voorbereiding op de volgende wedstrijd alleen maar moeilijker maken. Nóg langer diëten.

Heb jij een vetpercentage tussen 10 en 17, dan ben je behoorlijk lean. Vanaf hier zou je met een licht calorie-overschot van 100 á 200 een aantal maanden flink kunnen groeien. Maar, een overschot was toch niet per se nodig?

Klopt, maar ten eerste: je weet nooit precies wat je dagelijkse verbruik is. Dit kun je alleen schatten. Met een licht overschot weet je zeker dat het ten alle tijden een overschot is.

En daarnaast, al zou je perfect op maintenance eten, dan zou je dus spiermassa aanmaken en uiteindelijk vet verliezen – want meer spiermassa betekent een hoger calorieverbruik. Uiteindelijk zou je dan dus in een calorietekort komen. Niet zo erg – want dan bouw je nog steeds spiermassa op – totdat je vetpercentage te laag wordt.

Bulken is geen excuus om dik te worden

Ondanks het aangeraden overschot, hopen we dat je één ding leert van dit artikel: bulken is geen excuus om dik te worden. Word je vetpercentage te hoog, dan kun je het beste weer in een licht tekort gaan zitten.

Vetmassa neemt voedingsstoffen af van spiermassa. Door jouw vetpercentage in de gaten te houden en je dieet bij te sturen waar nodig, blijf je in de gezondste range om spiermassa op te bouwen.

Daarbij scheelt het een hoop wanneer je weer moet gaan cutten. Heb je hier allemaal lak aan en boeit het je niet dat je dik wordt. Prima. Dan is de bulk het perfecte excuus om lekker te vreten, in plaats van steeds te letten op wat je binnenkrijgt.

We hopen alleen dat je deze keuze maakt door de gevolgen goed te overwegen. En niet omdat je denkt dat al die calorieën op wonderlijke wijze naar je spieren gaan.

Meer van Men's Health? Volg ons ook op Facebook en Instagram.

Waarom je niet hoeft te bulken (maar het toch wel moet doen)