MH-redacteur Kevin: 'Misschien word ik wel non-binair...'
© Getty Images

Ik ben een man. En voordat je denkt 'we verliezen er weer één aan deze nonsens', raad ik je aan verder te lezen voor je eigen ontwikkeling als man. Want nee, de kop van dit artikel vertelt niet het hele verhaal – welkom in 2025.
Non-binair zijn is ook voor mij een ver-van-mijn-bed-show. Mijn opvoeding, sociaal-culturele achtergrond en persoonlijke overtuiging staan mij niet toe dit idee eigen te maken. Maar ik heb wel geleerd waar de kwestie precies vandaan komt bij anderen. En gek genoeg, kan ik me daar steeds meer in vinden. Nee, ik ga geen kant kiezen. Nee, ik ga niet verdedigen waar jij (misschien) een enorme afkeer tegen hebt. Vertrouw me even.
Geslacht en gender
‘Er zijn maar twee geslachten, man en vrouw. Dat zie je als je tussen iemands benen kijkt. Dat is de natuur én wetenschap’, hoor je altijd als tegenargument tegen de genderideologie. Voor het gemak even daargelaten dat zo’n procent van de wereldbevolking als hermafrodiet geboren wordt, zij dragen beide geslachten.
Maar goed. Ze hebben helemaal gelijk. Piemel of vagina; man of vrouw; klaar. Alleen, gaat non-binairiteit niet over het geslacht – wat tussen je benen hangt. Het gaat hier over gender. Het verschil? Gender is de culturele invulling van het geslacht dat eraan gekoppeld is.
De allersimpelste voorbeelden – niet mijn opvatting, maar pure illustratie: mannen zijn stoer en kijken voetbal, vrouwen zijn gevoelig en staan in de keuken. Gedrag, rollen of sociale posities die we toekennen aan het geslacht man of vrouw.
De keuze om non-binair te zijn, gaat dus niet om dat gebied tussen de benen, maar om het grijze gebied tussen onze culturele invullingen. We zeggen vaak hoe een jongen, meisje, man of vrouw moet zijn. Dat peperen we al in sinds de geboorte, sinds de kleur confetti bij een gender reveal party.
Wanneer een jongen en roze in plaats van een blauwe slaapkamer wil, hoort hij: ‘Nee, dat is voor meisjes’. Een jongen wil op ballet: ‘Nee, dat is voor meisjes.’ Een jongen speelt met poppen: ‘Nee, dat is voor meisjes.’ Maar wanneer die jongen vervolgens gelooft dat hij meer een meisje dan een jongen is, zijn we opeens geschokt. Terwijl hem dat eigenlijk al jaren wordt verteld. Oei, kunnen wij het wel aan om te realiseren dat we zelf schuldig zijn aan waar we zo bang voor zijn?
Waarom ik geen man weer wil zijn
Oké, terug naar mijn aangekondigde non-binairiteit. Op Instagram volg ik Nienke ’s Gravemade. Een hilarische vrouw die video’s kijkt van de zogenoemde Temu-Tates – ja, vernoemd naar Andrew Tate – die allerlei macho-ideologieën de wereld in helpen, flink te kakken zet.
Je weet wel, de klassieke man: niet huilen, maar machtig zijn. Vrouwen zijn hoeren en moeten geleid worden. Geld verdienen bepaalt je waarde als man. Supercool!
Nog meer social media-perikelen: op Kakhiel zie je regelmatig app- of Tindergesprekken, doorgestuurd door vrouwen. Mannen zetten zich hier totaal voor schut met hun macho-gelul over hoe goed ze zijn in bed, en vooral – zonder dat ze het door hebben – hoe slecht ze zijn in afgewezen worden.
En dan nog de olifant in de kamer: mannen vallen lastig, verkrachten of vermoorden zelfs vrouwen. Allemaal voortkomend uit de toxische mannelijkheid die nooit heeft leren voelen, communiceren of accepteren wanneer de boel even tegen zit. Want je bent stoer, machtig, legt mensen hun wil op. Kortom: het is tegenwoordig bijna beschamend om een man genoemd te worden. Niet om jou, beste man. Maar onze reputatie wordt langzaamaan – nog verder – vernietigd.
Symbool van de samenleving
En opeens klinkt non-binair zijn niet zo slecht. Want man-zijn, wat de fuck is dat? Als dat al het bovenstaande is, geleid door machtszieke miljardairs en hun frauduleuze piramide-systemen, dan pas ik denk ik liever.
Behoud ik de piemel tussen mijn benen? Absoluut. Kijk ik sport? Drink ik bier? Ja. Tegelijkertijd heb ik meer groei doorgemaakt door af en toe wanhopig te janken, over mijn gevoelens en trauma's te praten en mijn traditionele ‘mannelijkheid’ los te laten.
‘Verman je, dat is wenselijk. Vervrouw je, dat is menselijk’, eindigde ik ooit een gedicht. En zo eindig ik dit betoog. Maakt dat mij minder man in de ogen van de ‘echte mannen’? Laten we het hopen. Want zolang dat het idee is van man-zijn, ben ik lekker non-binair. Dat is beter dan het mannelijke symbool zijn voor alles wat er mis is met onze samenleving.




