Koppie koppie

Koppen onder vuur: wat een nieuwe studie zegt over hersenschade bij voetballers

©Omar Ramadan; Pexels

©Omar Ramadan; Pexels

Een kopbal in voetbal is bijna zo gewoon als naar de WC gaan. Verdedigers werken ballen weg, spitsen duiken naar voorzetten en jeugdspelers oefenen er al vroeg op tijdens trainingen. Maar nieuw onderzoek van het Amsterdam UMC laat zien dat die impact op het hoofd minder onschuldig kan zijn dan jarenlang werd gedacht.

Onderzoekers ontdekten dat amateurvoetballers na het koppen stoffen in hun bloed hebben die kunnen wijzen op hersenschade. En hoe vaker en harder spelers kopten, hoe sterker dat effect zichtbaar was. Dat vergroot de zorgen over de langetermijngevolgen van koppen in voetbal.

Wat ontdekten onderzoekers van het Amsterdam UMC?

Voor het onderzoek volgden wetenschappers van het Amsterdam UMC 302 amateurvoetballers tijdens elf wedstrijden in het mannenvoetbal. Na afloop analyseerden ze het bloed van de spelers op biomarkers: stoffen die vrijkomen wanneer hersencellen beschadigd raken.

De uitkomsten waren opvallend:

  • spelers die hadden gekopt, hadden direct na de wedstrijd meer biomarkers in hun bloed;
  • hoe vaker een speler kopte, hoe hoger die waardes lagen;
  • ook de intensiteit van de kopbal speelde een rol.

De verhoogde waardes namen in de uren na de wedstrijd langzaam af. Pas na 24 tot 48 uur bereikten ze weer het normale niveau. Volgens neuroloog Jort Vijverberg betekent dat niet automatisch dat er blijvende schade ontstaat. Maar het onderzoek laat wel zien dat het brein direct reageert op herhaalde impact.

Waarom kopballen steeds controversiëler worden

De discussie over hersenschade in voetbal groeit al jaren. Vorig jaar meldde de Gezondheidsraad dat profvoetballers een verhoogd risico op dementie lijken te hebben vergeleken met de algemene bevolking. Onderzoekers zien vooral herhaalde klappen tegen het hoofd als mogelijke oorzaak van chronisch hersenletsel.

Dat betekent niet dat één kopbal direct gevaarlijk is. De zorgen gaan vooral over de optelsom: spelers die jarenlang meerdere keren per week koppen tijdens trainingen en wedstrijden. Vooral verdedigers en spelers die veel hoge ballen verwerken, krijgen tijdens een carrière duizenden impacts op het hoofd te verwerken.

Wat betekent dit voor amateur- en jeugdvoetbal?

Juist omdat het onderzoek bij amateurvoetballers werd uitgevoerd, zijn de resultaten relevant voor een grote groep spelers. Niet alleen topsporters, maar ook voetballers die op zondag een wedstrijd spelen of jeugdspelers die meerdere keren per week trainen. De KNVB heeft de richtlijnen rond koppen daarom de afgelopen jaren al aangepast. Jeugdteams spelen bijvoorbeeld met lichtere ballen en trainers moeten bewuster omgaan met koptraining. Toch groeit de discussie verder. Want als het brein al reageert op relatief normale wedstrijdsituaties, rijst de vraag hoeveel belasting veilig is, zeker op jonge leeftijd.

Gaat voetbal regels rond koppen aanpassen?

Een volledig verbod op koppen lijkt voorlopig onrealistisch. Maar steeds meer experts verwachten dat voetbal strengere regels gaat invoeren rond hoofdimpact, net zoals eerder gebeurde in rugby en American football. Denk aan beperkingen op koptraining bij jeugdteams of strengere protocollen rondom hoofdblessures. Voorlopig geeft het onderzoek vooral één duidelijke boodschap af: koppen is geen risicoloos onderdeel van voetbal. En nu wetenschappers steeds beter kunnen meten wat er in het brein gebeurt na een wedstrijd, wordt die discussie waarschijnlijk alleen maar groter.

Volg Men's Health ook op Facebook en Instagram.

Video