Hoeveel push-ups moet je kunnen voor je leeftijd?
Getty Images

Kun jij zonder te stoppen 100 push-ups? Of 20? Misschien 40? Hoeveel push-ups je kunt doen zegt iets over je spieruithoudingsvermogen, en het aantal dat je als ‘goed’ kunt beschouwen verandert naarmate je ouder wordt. Dit zijn de richtlijnen per leeftijd.
Push-ups zijn misschien wel de meest eenvoudige fitnesstest die er bestaat. Je hebt geen sportschool, gewichten of ingewikkelde apparatuur nodig: met alleen de vloer en een beetje wilskracht train je je borstspieren, triceps, schouders en core.
Hoeveel herhalingen zou je eigenlijk moeten kunnen maken?
Dat is natuurlijk afhankelijk van je trainingservaring, lichaamsgewicht, techniek en geslacht. Toch bestaan er verschillende normtabellen waarmee je jouw prestatie kunt vergelijken met die van anderen van dezelfde leeftijd.
Hoeveel push-ups moet je kunnen?
Voor mannen van 20 tot en met 69 jaar geeft een veelgebruikte normering ongeveer de volgende richtlijnen:
Leeftijd | Uitstekend | Zeer goed | Goed | Redelijk |
|---|---|---|---|---|
20–29 | 36+ | 29–35 | 22–28 | 17–21 |
30–39 | 30+ | 22–29 | 17–21 | 12–16 |
40–49 | 25+ | 17–24 | 13–16 | 10–12 |
50–59 | 21+ | 13–20 | 10–12 | 7–9 |
60–69 | 18+ | 11–17 | 8–10 | 5–7 |
Deze cijfers zijn afkomstig uit een gestandaardiseerde push-upnormering en zijn vooral bedoeld als indicatie van spieruithoudingsvermogen.
Een andere veelgebruikte normering voor een maximale push-up-test komt op sommige leeftijden hoger uit. Dat verschil heeft onder meer te maken met de manier waarop de test wordt uitgevoerd en welke techniek en bewegingsuitslag worden gebruikt. Daarom moet je bovenstaande aantallen niet zien als een medische grens tussen ‘fit’ en ‘niet fit’.
Waarom worden push-ups moeilijker als je ouder wordt?
Dat je op je 50ste waarschijnlijk minder push-ups doet dan op je 25ste, is geen verrassing. Naarmate je ouder wordt, neemt onder meer je spiermassa en spierkracht af als je daar onvoldoende tegenover stelt met krachttraining.
Maar leeftijd is niet het hele verhaal. Iemand die vanaf zijn twintigste consequent krachttraining doet, kan op zijn vijftigste aanzienlijk meer push-ups maken dan iemand van dertig die nauwelijks traint. Ook lichaamsgewicht speelt een rol: bij een push-up verplaats je een aanzienlijk deel van je eigen lichaamsgewicht.
Je aantal herhalingen zegt daarom vooral iets over de combinatie van kracht, spieruithoudingsvermogen, lichaamsgewicht en trainingservaring.
Kunnen push-ups iets zeggen over je gezondheid?
Misschien meer dan je denkt. Een studie volgde 1.104 beroepsmatig actieve mannen met een gemiddelde leeftijd van ongeveer 40 jaar. De onderzoekers keken onder meer naar hoeveel push-ups de deelnemers konden uitvoeren en volgden hen vervolgens gedurende tien jaar.
De mannen werden ingedeeld in groepen van 0-10, 11-20, 21-30, 31-40 en 41 of meer push-ups. De groep die meer dan 40 push-ups kon uitvoeren had tijdens de follow-up een veel lagere incidentie van cardiovasculaire gebeurtenissen dan de groep die maximaal tien push-ups kon doen.
Dat klinkt indrukwekkend, maar er is een belangrijke nuance: de studie bewijst niet dat het doen van meer push-ups je risico op hart- en vaatziekten rechtstreeks verlaagt. De onderzoekers vonden een verband. Mensen die meer push-ups konden doen waren over het algemeen ook fitter en hadden gunstigere waarden voor verschillende cardiovasculaire risicofactoren.
Zie je push-upscore dus vooral als een eenvoudige manier om iets te zeggen over je fysieke fitheid – niet als een medische gezondheidstest.
Zo test je hoeveel push-ups je kunt
Wil je jezelf eerlijk testen? Doe dan niet zomaar een serie waarbij je halverwege steeds minder diep gaat.
Gebruik een vaste techniek:
- Zet je handen ongeveer op schouderbreedte.
- Houd je lichaam in één rechte lijn van je hoofd tot je hielen.
- Span je buik en billen aan.
- Laat je lichaam gecontroleerd zakken.
- Duw jezelf volledig omhoog.
- Houd hetzelfde bewegingsbereik bij iedere herhaling aan.
- Stop zodra je de techniek niet meer goed kunt uitvoeren.
Het belangrijkste is dat je elke herhaling hetzelfde uitvoert. Anders vergelijk je eigenlijk verschillende oefeningen met elkaar.
En als je minder push-ups kunt dan je leeftijdsgenoten?
Geen paniek. Een score onder de norm betekent niet automatisch dat je ongezond of onfit bent. Push-ups testen voornamelijk het spieruithoudingsvermogen van je bovenlichaam en worden beïnvloed door lichaamsgewicht, techniek en trainingsachtergrond.
Sterker nog: je eigen score van vandaag is waarschijnlijk interessanter dan de score van iemand anders.
Kun je nu bijvoorbeeld 15 goede push-ups? Probeer er over acht weken 20 te kunnen. Dat is een veel nuttiger doel dan jezelf blind vergelijken met een normtabel.
Volg je Men's Health al op Google Discover?
Mis nooit meer een artikel over training, voeding of gezondheid in Google Discover. Volg Men's Health via deze link en klik op 'Volgen op Google'.














