Homepage 30 juli > Psyche > Artikelen > Sparren met Lucia Rijker

Sparren met Lucia Rijker

Ken jij je eigen kracht? durf jij je grootste angst onder ogen te zien? Lucia Rijker, ongeslagen wereld­kampioene boksen, vertelt hoe jij net zo sterk in je schoenen kunt staan als zij. 

 

 

Bokslegende Muhammad Ali liet ooit noteren dat kampioenen niet in de sportschool gemaakt worden: ‘Natuurlijk moeten ze tot het uiterste kunnen gaan, net iets sneller zijn, de techniek en de wil hebben. Maar wilskracht is belangrijker dan techniek.’
Ali’s succesformule is Lucia Rijker op het lijf geschreven; ’s werelds sterkste vrouw is berucht om haar keiharde rechtse, haar reputatie om haar partijen snel op KO te beëindigen leverde haar de bijnaam Lady Tyson op. Maar bovenal is ze gezegend met een ongeremde gedrevenheid. Ze moet zichzelf elke keer weer verbeteren, door steeds opnieuw het uiterste te vragen van zichzelf.
Niet de adrenaline of de wil om de sterkste te willen zijn, maar persoonlijke groei als eerste levensbehoefte? Lucia Rijker: ‘Boksen is de auto waarmee ik door het leven ga. Groeien als mens kun je alleen als je de lat steeds hoger legt voor jezelf. En dan maakt het niet uit in welke auto je rijdt. Je bent aan jezelf verschuldigd om je te ontplooien. Ik ben voortdurend op zoek naar ervaringen die ik nog niet heb meegemaakt.’ Dus speelde Lucia de bad girl in Million Dollar Baby van regisseur Clint Eastwood. En dwong ze het bij voorbaat historische ‘Million Dollar Lady’-gevecht af tegen de Amerikaanse Christy Martin. Of het prijzengeld ooit wordt verdeeld is niet zeker; twaalf dagen voor de partij scheurde Lucia haar achillespees af tijdens het sparren in de training. ‘Ik had beter naar mijn lichaam moeten luisteren,’ zegt ze daarover, ‘maar mijn trainer drong aan om te gaan sparren terwijl ik me eigenlijk niet sterk genoeg voelde.’

Uit je biografie begrijp ik dat dat juist de bedoeling is, de pijn negeren. Na een training kan het voorkomen dat je met barstende koppijn thuiskomt en het bloed in je schoenen hebt staan.
‘Tijdens de voorbereiding op een gevecht zijn er speciale trainingen waarin je oefent om over de grens te gaan. Je leert fysiek en mentaal belastbaarder te worden. Dat doe je niet in één keer, je bouwt het op. Iedere training rek je je grens op. Tot je gewend bent klappen te incasseren en niet meer terugschrikt om geblesseerd te raken.
Tijdens een gevecht ga je voor de winst. Koste wat het kost. Je stelt jezelf geen grens, je zegt niet tegen jezelf: tot hier en niet verder. Dat kun je alleen als je constant op het doel gefocust blijft en je niet laat afleiden door obstakels onderweg. Pijn is zo’n obstakel; zolang je dat niet opblaast, kan het je concentratie niet weghalen.’

Iedere bokser wil met een zo sterk mogelijk lichaam in de ring verschijnen. Dan moet je toch ook naar je lichaam luisteren in de aanloop naar een gevecht?
‘Boksers zien pijn niet als destructief, in tegenstelling tot de meeste andere sporters. Als bokser weet je dat je blessures kunt krijgen en beschadigd kunt raken. Als je als bokser daarvoor terugschrikt, moet je je afvragen wat de werkelijke reden is; ben je bang om succes te hebben? Bang dat je je lichaam overbelast? Het moment om naar je lichaam te luisteren, en te stoppen met boksen, ligt besloten in het antwoord op de volgende vraag die je jezelf steeds vraagt:
Welke prijs wil je betalen om je doel te bereiken? Waartoe ben je bereid?’

En fanatieke sporters, zoals onze lezers? Wanneer moeten zij luisteren naar hun lichaam? Wat kun jij hen adviseren?
‘Kies altijd voor jezelf. Wat de belangen ook zijn, wat je ook wilt bereiken. Stel: je loopt steeds blessures op tijdens het sporten. Vraag je dan af of je je lichaam goed genoeg kent. Weet je wat je aankunt? Past je training wel bij je persoon? Stel je jezelf realistische doelen?’

Voor ieder gevecht moet je je angst overwinnen. Dat verwacht je niet snel van een
wereldkampioen boksen.

‘Bijna alle boksers voelen de angst. Angst is perfect. Al je zintuigen werken beter als je alert bent. Je bent scherper en beter. Maar als het over een bepaalde grens gaat, kan het je verlammen. Daarom moet je de confrontatie aangaan met de angst. Je moet het onder ogen zien. Dat moet je lang van tevoren al doen, stop het dus niet weg tot het moment dat je de zaal binnenkomt. Vlak voor een gevecht ga ik nog even in de lege zaal kijken. En daarna nog een keer als de zaal is volgestroomd met publiek. Vervolgens moet je je angst loslaten. Doe je dat niet, dan zal het je overdonderen en kun je het niet doorbreken.’

Winnen is vooral het overwinnen van jezelf, schrijf je. Hoe werkt dat?
‘In 2004 kwam ik naar Nederland voor een gevecht in de Amsterdam Arena. Zonder manager, die had ik net ontslagen, en met een hersenschudding en een gescheurde buikspier. Vanaf het moment dat ik hier in Nederland aankwam verzamelde ik een gelegenheidsteam om me heen met bekenden uit de tijd dat ik hier trainde. Voor het gevecht groeide de twijfel; ik heb een onprofessioneel team, eigenlijk ben ik geblesseerd. Het ergste dat me kon overkomen was een knockout voor eigen publiek! Op zo’n moment moet je je grootste angst relativeren. En niet krampachtig gehecht zijn aan een positieve uitkomst. Ja, je kunt knockout gaan. Nou en? Dan zal er een reden zijn waarom dat op je pad komt, en kun je er wat van leren. Van een sterke tegenstander kun je alleen maar winnen, ongeacht de uitslag. Als je de lat hoog legt en het beste uit jezelf naar boven haalt, heb jij gewonnen.’

Je hebt een keiharde rechtse en bent je angst de baas. Wat is jouw zwakke plek?
‘Mijn zwakheid is dat ik alles zelf wil ervaren. Ik wil altijd bewijzen dat ik het zelf anders zou doen. En dat daardoor de dingen altijd zwaarder worden heb ik dus aan mezelf te danken, dat is dan mijn eigenwijsheid.’


LUCIA RIJKER

Geboren
7 december 1967 in Amsterdam
Woonplaats
Los Angeles, USA
Boksen
16 x winst (ongeslagen, waarvan 14 op KO), tweemaal wereldkampioen
Kickboksen
36 x winst (ongeslagen, waarvan 25 op KO), viermaal wereldkampioen
Film
Millon Dollar Baby (2004) van regisseur Clint Eastwood
Boek
biografie Lucia Rijker, Million Dollar Babe door Theo Reitsma in oktober 2005

 



... -->