Gelukkig worden
Heb je een eigen huis, een plek onder de zon en duizenden liters thee gedronken en wil het nog steeds niet lukken om simpelweg gelukkig te worden? Misschien zoek je op de verkeerde plaats.
Als Nederlander heb je het goed voor elkaar. De Nederlander kan vreten tot hij ploft, ten minste twee keer per jaar op vakantie, hoeft niet bang te zijn achter tralies te worden gezet als hij een keer kritiek heeft op de overheid, en zo verder. Nederland scoort dan ook goed in de World Database of Happiness van dr. Ruut Veenhoven, professor sociologie aan de Erasmus Universiteit én professor humanisme aan de universiteit van Utrecht. Nederland komt uit op een respectabele 7,5. Maar we zijn niet de beste: Zwitserland, Denemarken, Luxemburg scoren bijvoorbeeld beter. Ook Noord-Ierland, met al zijn godsdienst-twisten, en Nicaragua, waar het grootste deel van de bevolking onder de armoedegrens leeft, halen opvallend genoeg betere cijfers. Er zit blijkbaar nog wel enige rek in het Nederlandse geluk.
De meeste Nederlanders willen wel gelukkiger worden, maar het is slechts weinigen gegeven. Dat komt, zul je misschien zeggen, doordat de loterij niet genoeg prijzen uitkeert. Maar dat is een denkfout. Stel, je wint 10 miljoen, of je hebt een verhouding met Katja Schuurman (én haar zus) of je kunt plots goed genoeg voetballen voor een plaats in de basis bij Oranje. Ben je dan gelukkig? Waarschijnlijk wel. Maar niet voor lang. Uit onderzoek is gebleken dat bijvoorbeeld mensen die veel geld winnen inderdaad even gelukkiger zijn, maar na korte tijd weer net zo sjacherijnig als voorheen. Geluk gaat niet om geld of kortstondige kicks. Om het geluk te vinden moet je gericht te werk gaan..
1. Ga wat anders doen
Aan de universiteit van Missouri werden onderzoeken gedaan onder meer dan duizend studenten door de psycholoog Ken Sheldon. Hij mat de geluksbeleving van de studenten gedurende een semester. Het onderzoek liet overtuigend zien dat een verandering - verhuizen, een nieuwe stereo kopen of een andere kamergenoot krijgen - slechts kort geluk verschafte. ‘Een verandering in omstandigheden geeft je leven even een flinke lift’, zegt Sheldon. ‘Maar voor je het weet, ben je weer terug bij af.’ Sheldon ontdekte ook dat de studenten die nieuwe activiteiten ontplooiden - ze veranderden van vak of begonnen een nieuw trainingsprogramma - ook op langere termijn gelukkiger waren.
2. Zoek je flow
Waar ben je goed in? Wat het ook is - snowboarden, tegelzetten of boekhouden - waarschijnlijk ken je de sensatie als je totaal bent overgenomen door je kunde. Alles loopt op rolletjes. De uitdaging sluit perfect aan bij je kennis en vaardigheden. Tijd bestaat niet meer. Er is niets anders dan jij en je klus.
In 1990 doopte de Tjechische psycholoog Muhal Csikszentimihalyi dit verschijnsel tot flow. Hij schreef een boek onder dezelfde titel. Het gevoel doet zich voor op het moment dat je het uiterste vergt van je lichaam of geest om iets ingewikkelds te doen dat je leuk vindt, aldus Csikszentimihalyi. Op het moment zelf zul je niet hardop zeggen ‘gut, wat zit ik nu een plezier te hebben’. Daar heb je geen tijd voor. Je bent serieus bezig. Maar na afloop, als je terugkijkt op je prestatie, dan weet je dat het perfect was. Dat, mijn vriend, is het geluk dat volgt op flow.
3. Loop door je huis
In zijn boek De kwestie van geluk noemt psycholoog René Diekstra geluk ‘een huis met vijf kamers’. In je eigen huis zit je ook niet aanhoudend in dezelfde ruimte. Je kookt in de keuken, slaapt in de slaapkamer, en zo verder. Diekstra onderscheidt vijf kamers:
- De werkkamer: geluk kun je vinden in je werk
- De zingevingskamer: je kunt je gelukkig voelen als je weet dat je nuttig bezig bent
- De gezondheidskamer: wie gezond is, mag zich gelukkig prijzen
- De vrijetijdskamer: je sociale leven schenkt geluk
- De relatiekamer: de relaties met je kinderen, familie, partner en vrienden geven geluk.
Om gelukkig te worden zul je dagelijks tijd in één van die kamers moeten doorbrengen. Maar Diekstra waarschuwt dat je teveel tijd in één kamer kunt doorbrengen. Als je al je geluk uit je werk put, verwaarloos je de andere kamers; je komt niet meer uit je werkkamer. Op zeker moment ga je met pensioen, of je werk vergt minder van je dan voorheen. En dan? Dan blijkt dat je niet aan een sociaal leven hebt gewerkt en niet weet wat je met je vrije tijd aanmoet. Je valt in een diep gat en voelt je verloren. Diekstra is dan ook de mening toegedaan dat je het evenwicht moet zoeken en regelmatig iedere kamer moet bezoeken.
4. Ga stemmen
Uit het onderzoek van Veenhoven is gebleken dat geluk primair afhangt van de samenleving waarin je leeft. Je kunt voor of tegen de vrije markteconomie zijn maar uit de cijfers blijkt simpelweg dat mensen gelukkiger zijn in welvarender landen. Daarmee is niet alles gezegd. Vorig jaar schokte de Britse econoom Richard Layard zijn vakgenoten door vraagtekens te zetten bij het uitgangspunt van maximale economische groei. De meeste bedrijven en overheden proberen aanhoudend het nationaal inkomen te verhogen en de winsten te maximaliseren.
‘Maar waarom?’, vroeg Layard zich hardop af. Al die economische groei draagt in het Westen geenszins bij tot een gelukkiger bevolking zo blijkt uit de cijfers. Als eenmaal een zekere welvaart is bereikt, neemt de geluksbeleving van de bevolking niet verder toe bij verdere groei. Mensen scheppen wél meer voldoening in het leven als het land meer rechtszekerheid, grotere vrijheid en meer tolerantie biedt, beweert Veenhoven. Oftewel: mensen zijn gebaat bij een moderne samenleving waarin ze hun gang kunnen gaan. Een samenleving waarin misschien niet alles om marktwerking draait. En de betutteling uit de jaren vijftig die sommige politieke partijen momenteel prediken, klinkt misschien nostalgisch en vertrouwd, gelukkig word je er niet van.
5. Doe aan positiespel
Een liberale, welvarende samenleving is één kant van de zaak. Een prettige samenleving waarin jij een verschoppeling bent, brengt je weinig geluk. Je positie in de samenleving is ook belangrijk. Veelal denken mensen dat het dan gaat om zaken als inkomen en opleiding, maar volgens Veenhoven blijkt je sociaal-emotionele positie van meer invloed op je geluk dan je sociaal-economische. Net zoals je niet gelukkig wordt van een regering die alleen maar aan geld denkt, word je dat ook niet als je zelf vergelijkbare opvattingen hebt. Je besteedbaar inkomen draagt wel bij, maar de invloed van je vrienden is duidelijk groter: mensen zonder vaste partner en met weinig vrienden zijn gemiddeld minder gelukkig.
Laat je leven niet beperken door de hoogte van je inkomen maar richt je op zaken waar mensen aantoonbaar gelukkig van worden: ruim vrije tijd voor je hobby’s, passend werk, een goed huwelijk en dito gezondheid.
6. Word kunstenaar
Gelukkig worden, is een kwestie van schipperen. Voldoende liefde van een lieftallige vrouw, een uitdagende baan en volop vrije tijd. Het is allemaal nodig. Ga er maar aanstaan. Om dat te bereiken moet je in topvorm zijn, lichamelijk maar vooral geestelijk. Uit de verzamelde gegevens van Veenhoven blijkt dat gelukkige mensen doorgaans een positief zelfbeeld hebben, assertief zijn en niet bij de eerste de beste tegenslag in een hoekje zitten te huilen. Ook blijkt dat extreem materialistische mensen en mensen die alleen maar voor zoveel mogelijk kicks leven, gemiddeld minder gelukkig zijn. De ware levenskunstenaar die een gevarieerd en redelijk gematigd leven leidt, blijkt grootste de kans op een gelukkig leven te hebben.
Geluk op lokatie
Hier word je gelukkig
1. Zwitserland - 8,1
2. Denemarken - 8,0
3. IJsland - 7,8
4. Luxemburg - 7,8
5. Canada - 7,7
Landen waar je echt niet wilt wezen
Armenië 3,7
Oekraïne 3,3
Moldavië 3,0
(Bron: World Database of Happiness)










